Werkstuk over Judo

Enkele hints en tips voor kinderen die een werkstuk over Judo willen maken.

Hoe zou je te werk kunnen gaan?

Allereerst moet je een onderwerp selecteren. Waarschijnlijk is dat Judo, maar zorg er in ieder geval voor dat je niet een te uitgebreid onderwerp kiest zoals bijvoorbeeld vechtsport.

Verkenning

Als je een onderwerp hebt gekozen, dan ga je informatie verzamelen. Ga daarna op zoek naar boeken, kijk in de encyclopedie of op Internet. Encyclopedieën en boeken kun je vinden in de bibliotheek of schoolmediatheek. Gebruik geen boeken die erg oud zijn. Lees alles wat je verzameld hebt goed door.

De indeling van je werkstuk

We gaan er even vanuit dat jou onderwerp Judo is. Bedenk nu wat je wilt vertellen over het Judo. Om dit makkelijker te maken kun je de informatie proberen te verdelen in kleinere onderwerpjes, bijvoorbeeld:

  • De gescheidenis van het Judo
  • De locatie, ofwel de DoJo
  • Judo regels, niet alleen regels voor een wedstrijd maar ook regels rond gedrag.
  • De gradaties, ofwel de banden en slips.
  • De wedstrijdregels en puntentelling

Met deze verdeling heb je ook al vaak je indeling voor je hoofdstukken klaar. Bedenk daarna een goede titel voor jouw werkstuk.

De invulling van je werkstuk

  1. Zoek goede teksten en plaatjes. Zoek bij alles waarover je wilt schrijven materiaal. Dat kunnen teksten zijn, maar ook foto’s of tekeningen. Kijk of je genoeg weet om er zelf iets over te schrijven. Als dat niet zo is, kun je extra materiaal gaan zoeken of dit zelf maken (zoals tekeningen).
  2. Ga dan pas schrijven.
  3. Als je dat allemaal gedaan hebt, begin je pas met schrijven. Denk daarbij aan het volgende: Schrijf geen zinnen over uit een boek, encyclopedie of website maar probeer alles zoveel mogelijk in je eigen woorden op te schrijven. Gebruik nooit woorden die je niet kent. Als je moeilijke woorden tegenkomt, vraag dan aan je ouders of op school wat deze woorden betekenen, of zoek ze op in een woordenboek Laat ruimte voor de plaatjes die je in jouw werkstuk wilt plakken. Zorg er voor dat de plaatjes iets met de tekst in jou werkstuk te maken hebben. Schrijf niet alles achter elkaar. Als je iets over een nieuw onderwerp gaat schrijven, laat dan een regel open of verzin een kopje dat je erboven kunt zetten. Gebruik voorbeelden en vergelijkingen om iets duidelijk te maken. Zorg dat je werkstuk er verzorgd uitziet
  4. Als je klaar bent met schrijven, en alle afbeeldingen hebt ingeplakt, maak je een voorkant bij je werkstuk. Op de voorkant moet in ieder geval de titel van je werkstuk staan en je naam. Probeer de voorkant zo leuk mogelijk te maken, door er foto’s of tekeningen op te plakken, of door met kleuren te werken.
  5. Zorg er verder voor dat alle bladzijden goed aan elkaar vastzitten met een nietje of een touwtje.